Meer ritten en minder contact. Mag het snel weer terug naar normaal?

 

Om het risico op besmetting te verkleinen komen uitvaartwerkers zo min mogelijk bij mensen thuis. Voor overbrengmedewerker Mitch Schepers betekent het meer rijden en minder contact met nabestaanden. Hij kan niet wachten tot de pandemie voorbij is.


20201221 BGNU - overbrengmedewerker Mitch Schepers over uitvaarten in coronatijd 01

Hij maakt ingrijpende gebeurtenissen mee, de nog jonge Mitch Schepers (29). Zo haalde hij een aan corona overleden man op, terwijl diens echtgenote naast hem lag te sterven. “Ze merkte niet dat we haar man weghaalden. Het was bizar. De kinderen zaten erom heen”, schetst de DELA-medewerker het tafereel dat hij aantrof, “ze waren min of meer in shock.” Mitch kan na een dienst zulke ervaringen weer loslaten. “Als ik niet kon loslaten kon ik dit werk niet doen”, zegt hij nuchter. Al vanaf zijn 21ste verzorgt hij overledenen en brengt ze over, bijvoorbeeld van een ziekenhuis, huisadres of zorginstelling naar huis of naar een rouwcentrum. Maar dit soort ervaringen blijven hem wel bij.

Verzorgen en overbrengen

20201221 BGNU - overbrengmedewerker Mitch Schepers over uitvaarten in coronatijd 02

Vaak is Mitch, samen met een collega, als eerste bij de overledene en diens nabestaanden. De uitvaartleider komt later om de uitvaart te regelen. De overbrengmedewerkers brengen overledenen die in een zorginstelling of thuis overlijden naar een rouwcentrum. Bij een opbaring thuis verzorgen ze de overledene, vaak samen met een of enkele familieleden. Ze komen tussen het moment van overlijden en de dag van de uitvaart controleren, leggen de overledene op het moment dat de naasten daar aan toe zijn in de kist en halen op de dag van de uitvaart de koelplaat weer op. Maar door corona ziet zijn werk er nu anders uit. Wat er anders is? “Alles,” zegt Mitch

Gewaardeerd werk

20201221 BGNU - overbrengmedewerker Mitch Schepers over uitvaarten in coronatijd 04

Voor Mitch begon het werk als een bijbaan, naast zijn studie toerisme. Het studentenbaantje beviel hem zo dat hij bleef. Waarom hij zo jong koos voor de uitvaartzorg? De vraag wordt hem vaker gesteld. Mitch lacht: “Het werk geeft veel voldoening. Nabestaanden waarderen vaak de kleine dingen die we doen. Dat hun vader er weer ontspannen bij ligt, dat ze sinds weken, soms maanden, geen pijn meer op moeders gezicht zien. Maar ook als we bijvoorbeeld een bloem neerleggen op het bed, als we de overledene hebben opgehaald, of dat we voor het overbrengvoertuig uit de straat van de overledene uitlopen. Voor ons een klein gebaar, maar als nabestaanden dan vol schieten, merk je dat het veel voor hen betekent.”

Open sfeer

20201221 BGNU - overbrengmedewerker Mitch Schepers over uitvaarten in coronatijd 03

Niet alleen de baan bevalt Mitch goed, ook het bedrijf waar hij voor werkt: Coöperatie DELA biedt hem mooi werk, goede arbeidsvoorwaarden, een fijn team, een open werksfeer en goede doorgroeimogelijkheden. Dat Mitch een graag geziene collega is, blijkt wel als in de lunchpauze twee vrouwelijke collega’s uit Nijmegen hem in hun team proberen in te lijven. “Heb je de vacature gezien?”, vraagt er een. Waarop de andere naar mij knipogend: “En heb je de interviewster al soep aangeboden? Je gedraagt je toch wel als een goede gastheer?”

Veilig werken

20201221 BGNU - overbrengmedewerker Mitch Schepers over uitvaarten in coronatijd 06

Mitch werkt in regio Arnhem, in een team van acht overbrengmedewerkers. Ze zijn flexibel inzetbaar, dus je kunt hem ook tegenkomen in Doetinchem, Amersfoort, Bilthoven of ’s Hertogenbosch. Hij woont in Zevenaar, samen met zijn vriendin, die filiaalmanager is in een winkel op drie minuten fietsen van hun huis. Dat komt goed uit nu, in coronatijd. Hoewel in zijn leeftijdscategorie veel besmettingen zijn is Mitch als enige van zijn team nog niet getest. “Vanwege ons beider werk zijn we wel heel voorzichtig.”

Op zijn werk voelt Mitch zich veilig. “DELA zorgt goed voor ons, zo zijn er van het begin af aan voldoende beschermingsmiddelen geweest, zoals overalls, brillen, schorten en mondmaskers.” Mitch draagt een speciaal voor Dela ontworpen licht grijsblauw exemplaar, passend bij zijn pak.
“Om het besmettingsrisico zo laag mogelijk te houden, komen we nu zo min mogelijk bij mensen thuis over de vloer. We houden de contactmomenten zo kort mogelijk,” vertelt Mitch. Hij vertelt hoe het gaat: “We bellen aan en stellen ons buiten voor. Dat kan - gelukkig - zonder mondkapje: mensen vinden het fijn om eerst je hele gezicht te zien. Dan weten ze met wie ze van doen hebben. We doen ons mondkapje voor als we naar binnen gaan en verzoeken iedereen in huis om anderhalve meter afstand te bewaren. Vaak wacht de familie in een andere kamer tot we de overledene hebben opgehaald. Als het gaat om een coronabesmetting dan hullen we ons in ons ‘coronapak’, en leggen we de overledene in een zogenoemde bodybag.”

Begrip

20201221 BGNU - overbrengmedewerker Mitch Schepers over uitvaarten in coronatijd 05

Nabestaanden hebben begrip voor de situatie, is zijn ervaring. “Ze krijgen duidelijk uitgelegd hoe we werken, en waarom. Dat helpt.” Partners en kinderen vinden het soms wel jammer dat ze niet kunnen helpen bij het verzorgen en aankleden van hun dierbare. “Zelf verzorgen kan wel,” vertelt Mitch, “dan leggen wij uit hoe ze dat het best kunnen doen. “Mitch heeft het al een paar keer meegemaakt. “Voor ons was het even wennen, maar de familie vond het prettig.”

Thuis verzorgen doet DELA in deze periode niet. Thuis opbaren kan wel. De verzorging en het in de kist leggen gebeurt dan in een uitvaartcentrum. “Op bed opbaren doen we nu niet. Dit scheelt handelingen en verkleint zo het risico op coronabesmetting.” Het maakt het werk wel aanzienlijk minder aantrekkelijk. Mitch: “Het betekent voor mij meer rijden en minder contact met nabestaanden.”

Net als heel Nederland is hij wel klaar met de coronabeperkingen, met de verplichte mondkapjes en met het aan- en uittrekken van de coronapakken. Hoe goed de collega’s het onderling ook hebben, uit de waardering van nabestaanden haalt hij toch de grootste voldoening. “Ik hoop dat het niet te lang meer duurt. Wat mij betreft gaan we zo snel mogelijk terug naar normaal.”

Foto’s: Jikke Göbel