Nota-overleg Uitvaartwet: Minister in gesprek met uitvaartbranche over kwaliteitsborging

 

Minister Kajsa Ollongren (BZK) beantwoordde vragen van Tweede Kamerleden over de voorgenomen modernisering van de Uitvaartwet. Er werden zeven moties ingediend, met name om de plannen van de minister aangaande termijnen en gezamenlijke lijkbezorging aan te scherpen. Ollongren gaf aan in gesprek te zijn en te blijven met  BGNU, LOB en LVC over kwaliteitsborging en stemt met VWS af over het minimaliseren van stralingsrisico’s van overledenen.

Nota-overleg

Op 27 mei 2019 vond op initiatief van de Vaste Kamercommissie van Binnenlandse Zaken een nota-overleg over de modernisering van de Uitvaartwet. Op de agenda stonden de initiatiefnota van Monica den Boer (D66), de wetswijzigingsvoornemens van minister Kajsa Ollongren (D66), het beoordelingskader alternatieve vormen van lijkbezorging (TU Delft) en de resultaten van een draagvlakonderzoek naar resomeren. Kamerleden van D66 (Salima Belhaj), CDA (Harry van der Molen), GroenLinks (Nevin Özutok), VVD (Jan Middendorp) en SGP (Roelof Bisschop) stelden vragen aan Den Boer en Ollongren. Namens BGNU luisterden directeur Heidi van Haastert en Kees van der Spek mee op de publieke tribune.

Toekomstbestendig

Veelvuldig werd genoemd dat de Wet op de lijkbezorging, 25 jaar geleden voor het laatst grootschalig herzien, aan vernieuwing toe is. Minister Ollongren en Tweede Kamerlid Den Boer willen dat de nieuwe wet begrijpelijker wordt, met veel ruimte voor keuzevrijheid en persoonlijke invulling voor naasten en een gegarandeerd integere benadering. Daarbij verwijzen ze naar de emotionele omstandigheden waarin nabestaanden belangrijke beslissingen moeten nemen. De vernieuwde Uitvaartwet moet ook toekomstbestendig zijn. Dat was een van de redenen om niet alleen voor resomeren, maar ook voor toekomstige uitvaarttechnieken, een beoordelingskader op te laten stellen. 

Uitvoeringspraktijk

De vragen tijdens het overleg gingen niet zo zeer over nieuwe innovatieve technieken - hoewel die wel aangestipt werden -, maar grotendeels over problemen waar in de huidige uitvoeringspraktijk tegenaan gelopen wordt, zoals te korte of te lange termijnen voordat begraven of gecremeerd mag worden en de wens om een doodgeboren tweeling of bij de bevalling overleden moeder en kind samen te mogen begraven of cremeren.

Beoordelingskader

20180322 Bgnu Tu Delft Beoordelingskader Alternatieve Vormen Lijkbezorging

Dit door TU Delft ontwikkelde morele beoordelingskader ligt voor advies bij de Gezondheidsraad. Minister Ollongren verwacht dit advies komend voorjaar. De tussenliggende tijd wil zij gebruiken om de wetswijziging voor te bereiden.

Van Haastert: “Voor BGNU is het vooral ook belangrijk dat onze ondernemers kunnen blijven innoveren. Daarom juichen we het toe dat er nu een beoordelingskader ligt waarmee alle nieuwe vormen van lijkbezorging getoetst kunnen worden.”

Resomeren

Met name Middendorp van de VVD brak een lans om resomeren toe te staan. CDA-er Van der Molen wil geen experimenten op dit terrein toe staan. Minister Ollongren pleit - en dat geldt niet alleen voor dit punt, maar voor de hele wetswijziging - voor zorgvuldigheid.

Digitale nalatenschap en radiotherapie

Ook vestigde Middendorp de aandacht op digitale nalatenschap en de stralingsrisico’s bij overledenen. Beide punten hebben de aandacht van de minister, maar de vraag is of zij onder de Uitvaartwet vallen of (ook) onder andere wetten en ministeries vallen. Wat betreft de stralingsrisico’s vroeg Middendorp minister Ollongren om samen met haar collega van VWS een oplossing te zoeken om de risico’s te minimaliseren. Goed nieuws is dat de minister dit oppakt.

Kwaliteitsborging

Ook het andere punt dat voor BGNU belangrijk is, kwaliteitsborging, heeft Ollongrens aandacht. Het was duidelijk dat de zorgen om de kwaliteit te waarborgen goed waren doorgedrongen tot de partijen die aanwezig waren bij het Rondetafelgesprek over de Uitvaartwet in april. Den Boer stelde dat nu de sector veel competitiever is geworden dit punt extra aandacht behoeft. Minister Ollongren geeft aan dat zij met de branche - LOB, LVC en BGNU - in gesprek is en dat het haar sterke voorkeur heeft dat de branche zelf de kwaliteit borgt. De Kamer volgt de ontwikkelingen op dit punt kritisch.

Moties

In totaal werden er zeven moties ingediend. Die gingen over: verkorting van de minimale uitvaarttermijn naar 20 uur, van de termijn waarna de as wordt meegegeven naar binnen een week, het in uitzonderlijke gevallen mogelijk maken om samen gecremeerd of begraven te worden, aparte criteria voor eeuwigdurende grafrust, een termijn voor biologische afbreekbaarheid van tien jaar, een onderzoek naar de noodzaak en kosten van het verlengen van de termijn van grafrust en een onderzoek naar de noodzaak voor aparte wetgeving om zorgvuldig ruimen te garanderen voor 1 december van dit jaar.

Biologisch afbreekbaar

BGNU heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan en vindt het ook belangrijk dat de kist goed biologisch afbreek moet zijn. Wel wijst BGNU erop dat het niet alleen gaat om de afbreekbaarheid van de kist, maar ook en vooral om datgene wat er mee gaat in de kist.  Van Haastert: “Het gaat dan om kleding, schoeisel, lijkhoezen en grafgiften. Voorwaarde voor die afbreekbaarheid binnen tien jaar is verder dat er professioneel begraven wordt. ”Van der Spek vult aan: “Er zijn nog veel begraafplaatsen waar de vertering stagneert, bijvoorbeeld door een te hoge grondwaterstand.”

Stemming

Dinsdag 4 juni stemt de Tweede Kamer over de moties.

Meer

Het nota-overleg is terug te zien op: https://debatgemist.tweedekamer.nl.