Noodzaak kwaliteitsborging in de nieuwe Uitvaartwet

 

De Branchevereniging Gecertificeerde Nederlandse Uitvaartondernemingen (BGNU), vindt dat de Minister van Binnenlandse zaken onvoldoende maatregelen neemt die de kwaliteit binnen de uitvaartbranche zouden moeten borgen. In plaats van de noodzakelijke wettelijke kwaliteitsborging van uitvaartondernemingen en hun professionals denkt de minister aan normeringen van de zorgplicht van overledene en de strafbaarstelling van overtreding daarvan. Deze maatregel zal niet leiden tot de gewenste kwaliteitsborging.

Iedereen kan zich uitvaartverzorger noemen

De Minister gaat met dit voornemen voorbij aan het feit dat iedereen zonder enige vakkennis nog steeds het beroep van uitvaartverzorger kan uitoefenen. Als nu niet de kans gegrepen wordt om kwaliteitsborging in de nieuwe Uitvaartwet vast te leggen, verwacht BGNU een toenemend aantal ernstige incidenten, zoals we in de afgelopen periode hebben gezien.

Kwaliteitseisen en externe toetsing

De uitvaartbranches nemen hun verantwoordelijkheid om de kwaliteitseisen te formuleren en zorg te dragen dat de leden zich aan de gestelde kwaliteitscriteria conformeren en daarnaar handelen. BGNU ziet de wettelijk borging daarvan door de wettelijk eis op te nemen dat de toetsing van kwaliteitseisen die zich in de branche manifesteren, gebeurt door een extern auditbureau.

Examenbureau

In de uitvaartbranche is thans een aantal opleidingsinstituten actief dat professionals (bij)schoolt voor de verschillende beroepen. Echter, deze instituten nemen ook het examen af van hun eigen studenten. BGNU ziet de kwaliteitsborging van de professionals geborgd als wettelijk wordt vastgelegd dat het examenbureau los staat van de branche specifieke opleidingen en dat het examenbureau onder toezicht staat van de Stichting Examenkamer.