BGNU informeert Ministerie VWS over thanatopraxie

 

Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport verkent, in het kader van de evaluatie van de Wet op de lijkbezorging, het veld rond thanatopraxie en consulteert daarom verschillende stakeholders in de branche. Uiteraard is BGNU het gesprek met het Ministerie aangegaan. 

Kwaliteit thanatopraxie voorop

BGNU heeft benadrukt dat thanatopraxie ook, net als uitvaartverzorging, een echt vak is waarvan de kwaliteit via opleiding en bijscholing geborgd moet worden. 

Oog voor ethische, milieu- en arbo-aspecten van thanatopraxie

BGNU heeft dan ook gewezen op ethische, milieu- en arbo-aspecten rond de behandeling. Zo is het van groot belang dat thanatopraxie in een professionele omgeving wordt uitgevoerd. De risico's van het werken met chemische middelen en lichaamsvloeistoffen zijn in de thuissituatie te groot - voor mens en milieu - en er kunnen bij complicaties voor nabestaanden onwenselijke situaties ontstaan. BGNU is van mening dat de lichaamsvloeistoffen die vrijkomen bij de behandeling als ziekenhuisafval behandeld moeten worden, en dat er nadrukkelijk oog moet zijn voor de arbeidsomstandigheden van de medewerkers.

Het Ministerie van VWS heeft toegezegd deze input van BGNU mee te nemen in het denkproces over de keuzemogelijkheid voor thanatopraxie door nabestaanden en de positie van de thanatopracteur.